Inleiding
We werken allemaal dagelijks met bestanden en mappen zonder daar echt bij stil te staan.
Documenten, foto’s, video’s, muziek en downloads moeten immers ergens opgeslagen worden. Of je nu een brief schrijft, foto’s van je vakantie bekijkt of een filmpje downloadt, al deze bestanden hebben een plek op je computer nodig.
Sommige beginnende Linux gebruikers vragen zich af waar hun bestanden terechtkomen en hoe ze deze later weer kunnen terugvinden.
Gelukkig werkt dit in Linux niet veel anders dan in Windows of andere besturingssystemen.
Het programma waarmee Linux je bestanden laat bekijken, openen, verplaatsen, kopiëren en organiseren noemen we de bestandsbeheerder.
In dit artikel gaan we bekijken hoe dat werkt.
Wat zijn bestanden en mappen?
Misschien denk je: “Goh Rudy, is dit nu echt nodig?” Maar voordat we naar de bestandsbeheerder gaan kijken, wil ik toch even met je bespreken wat bestanden en mappen precies zijn.
Simpel gezegd is een bestand een stukje informatie dat op je computer is opgeslagen.
Voorbeelden van bestanden zijn:
- Een tekstdocument
- Een foto
- Een muziekbestand
- Een video
- Een PDF document
Een map kun je zien als een ordner of een kast waarin je documenten bewaart.
Stel je eens voor dat je honderden, misschien wel duizenden foto’s op je computer hebt staan. Dan is het handig om deze op te slaan in verschillende mappen. Bijvoorbeeld:
- Vakantie 2025
- Familie
- Huisdieren
Zo houd je alles overzichtelijk en zijn bestanden eenvoudig terug te vinden.
De bestandsbeheerder
Het programma waarmee je binnen Linux je bestanden en mappen kunt beheren noemen we de bestandsbeheerder. Windows gebruikers kennen dit als Verkenner.
De naam kan per Linux distributie verschillen:
- Ubuntu gebruikt meestal Bestanden.
- Linux Mint gebruikt meestal Nemo.
- KDE Plasma gebruikt meestal Dolphin.
Laat je hierdoor niet van de wijs brengen. Ook al zijn de namen verschillend, ze werken over het algemeen hetzelfde.
Aan de linkerkant zie je meestal een overzicht van veelgebruikte locaties en aan de rechterkant de bestanden en mappen die zich daarin bevinden.
Je zult merken dat dit al snel vertrouwd voelt zodra je het een paar dagen gebruikt.
Belangrijke standaardmappen
Als je de bestandsbeheerder opent, zie je meestal een aantal standaardmappen. Laten we die eens bekijken.
Persoonlijke map
Dit is jouw eigen gedeelte van de computer. Hier worden jouw bestanden opgeslagen en heb je de meeste vrijheid om mappen en bestanden te beheren.
Documenten
Deze map is bedoeld voor teksten, PDF bestanden, spreadsheets en andere documenten.
Afbeeldingen
Voor foto’s, screenshots en andere afbeeldingen.
Muziek
Voor muziekbestanden en audiobestanden.
Video’s
Voor films, videobestanden en opnames.
Downloads
Dit is de map waar bestanden die je van internet downloadt meestal terechtkomen.
Bureaublad
Zet je bestanden of mappen op je bureaublad? Dan worden ze in deze map opgeslagen.
Zoals je ziet zorgt deze indeling ervoor dat je bestanden overzichtelijk blijven opgeslagen en eenvoudig terug te vinden zijn.
Bestanden openen
In Linux werkt het openen van bestanden vrijwel hetzelfde als in andere besturingssystemen. Meestal is dubbelklikken op een bestand voldoende om het te openen.
Het mooie is dat Linux het bestand automatisch met het juiste programma opent. Bijvoorbeeld:
- Een foto wordt geopend in een afbeeldingsviewer.
- Een PDF wordt geopend in een PDF lezer.
- Een video wordt geopend in een mediaspeler.
- Een document wordt geopend in een tekstverwerker.
Meestal hoef je niet na te denken over welk programma je moet gebruiken. Linux regelt dat voor je.
Mappen maken
Na verloop van tijd verzamel je steeds meer bestanden. Daarom is het handig om zelf ook mappen aan te maken.
Je zou het bijvoorbeeld zo kunnen indelen:
- Belastingzaken
- Vakantie foto’s
- Recepten
- Werk
- Hobby’s
Het maken van een nieuwe map is heel eenvoudig.
Ga met je muisaanwijzer naar een lege ruimte in de bestandsbeheerder en klik met de rechtermuisknop. Kies vervolgens voor Nieuwe map.
Geef de map een duidelijke naam. Een goede mappenstructuur kan je later namelijk veel tijd besparen.
Ik heb zelf gemerkt dat ik bestanden veel sneller terugvind wanneer ik vanaf het begin een logische mappenstructuur gebruik.
Bestanden kopiëren, verplaatsen en verwijderen
Tijdens het dagelijkse gebruik zul je regelmatig bestanden kopiëren, verplaatsen of verwijderen.
Kopiëren
Als je een bestand kopieert, blijft het originele bestand bestaan en maak je een extra kopie. Dit is handig wanneer je bijvoorbeeld een reservekopie wilt bewaren.
Verplaatsen
Bij verplaatsen gaat een bestand van de ene map naar een andere map.
Verwijderen
Als je een bestand niet meer nodig hebt, kun je het verwijderen. Meestal komt het bestand eerst in de prullenbak terecht.
Dat is wel zo handig, want als je een bestand per ongeluk verwijdert, kun je het meestal eenvoudig herstellen.
Een bestand wordt pas definitief verwijderd wanneer je de prullenbak leegt.
Zoeken naar bestanden
We raken allemaal wel eens een bestand kwijt. Gelukkig hebben de meeste Linux distributies een zoekfunctie ingebouwd.
Het zoekvak vind je meestal bovenin de bestandsbeheerder. Typ een deel van de bestandsnaam in en Linux zoekt automatisch met je mee.
Dit werkt vaak sneller dan handmatig door tientallen mappen te bladeren.
Ik gebruik deze zoekfunctie regelmatig wanneer ik weet hoe een bestand heet, maar niet meer weet waar ik het precies heb opgeslagen.
Veel voorkomende zorgen
Waar is mijn C schijf gebleven?
Ja, deze vraag hoor ik vaak van nieuwe Linux gebruikers. Het antwoord is eigenlijk heel simpel.
Linux werkt wat dit betreft anders dan Windows en gebruikt meestal geen stationsletters zoals C: of D:.
Misschien klinkt dat in het begin vreemd, maar in de praktijk merk je daar nauwelijks iets van. Meestal werk je gewoon vanuit je persoonlijke map en hoef je je daar verder niet druk om te maken.
Is het mogelijk om mijn Windows bestanden te openen?
Ja, dat kan meestal zonder problemen.
Documenten, foto’s, video’s, PDF bestanden en veel andere bestandstypen kun je in Linux gewoon openen.
Ik heb iets per ongeluk verwijderd, wat nu?
Geen nood, daar hebben we de prullenbak voor.
Bestanden die je verwijdert belanden meestal eerst in de prullenbak. Je kunt ze van daaruit eenvoudig weer herstellen.
Geef jezelf de tijd
Ik weet nog goed dat ik zelf ook even moest wennen aan de bestandsbeheerder toen ik met Linux begon.
Na een tijdje ontdekte ik echter dat de Linux bestandsbeheerder verrassend veel overeenkomsten heeft met andere besturingssystemen.
Je hoeft ook niet direct iedere map en iedere locatie te begrijpen.
Door Linux dagelijks te gebruiken leer je vanzelf waar alles staat en hoe alles werkt. Voor je het weet voelt het net zo vertrouwd als ieder ander besturingssysteem.
Conclusie
Het beheren van bestanden en mappen in Linux is eenvoudiger dan veel mensen denken.
In de basis werkt de bestandsbeheerder grotendeels hetzelfde als in Windows en andere besturingssystemen. Je gebruikt de bestandsbeheerder om bestanden te openen, op te slaan, te verplaatsen en terug te vinden.
Met een beetje oefening voelt dit al snel vertrouwd aan.
Het beheren van bestanden in Linux is dus geen ingewikkelde technische taak, maar gewoon een normaal onderdeel van het dagelijkse computergebruik.
In het volgende artikel gaan we kijken naar een onderwerp waar je als Linux gebruiker vroeg of laat mee te maken krijgt:
Linux software verwijderen en opruimen